Voordelen alle aard    Kosten eigen aan de vennootschap    Dagvergoedingen    Fietsvergoedingen
Verhuur van je woning    Verhuren van roerende goederen    Maaltijdcheques    Kilometervergoedingen
Aandelen optie plannen

BEDRIJFSBEHEER · VENNOOTSCHAPSBELASTING · DECEMBER 2025

Loon Bedrijfsleider: Minimumbezoldiging, Fiscale Optimalisatie en de Nieuwe Regels vanaf 2026

Hoeveel loon moet je jezelf toekennen om het verlaagd tarief vennootschapsbelasting te behouden? En wat verandert er door het zomerakkoord 2025?


Als bedrijfsleider van een BV bepaal je zelf hoeveel bezoldiging je uit je vennootschap opneemt. Die vrijheid heeft echter fiscale gevolgen. Om te genieten van het verlaagd tarief vennootschapsbelasting (20% op de eerste €100.000 winst) moet je vennootschap aan minstens één bedrijfsleider een minimumbezoldiging toekennen. Deze drempel stijgt vanaf 2026 van €45.000 naar €50.000, met bijkomende beperkingen op voordelen van alle aard. In dit artikel leg ik uit hoe de regeling precies werkt, wanneer je eraan moet voldoen en hoe je fiscaal optimaal beslist.

1. Hoe wordt bedrijfsleidersloon belast?

In tegenstelling tot voorschotten die je uit een eenmanszaak neemt, zijn voorschotten die je uit een vennootschap neemt als vergoeding voor arbeidsprestaties of een bestuurdersmandaat afzonderlijk belastbaar als loon bij de ontvanger, in zijn eigen belastingstelsel.

Voor de vennootschap is dit een aftrekbare kost — door loon te nemen betaalt een vennootschap dus minder belastingen.

Bedrijfsleidersloon onttrokken aan een vennootschap wordt belast als beroepsinkomen in de personenbelasting en ondergaat sociale-zekerheidsbijdragen. Deze twee lastenstelsels komen snel op een aanslag die hoger is dan de belastingtarieven in de vennootschapsbelasting.

Schema: Van brutoloon naar netto belastbaar inkomen

Brutoloon
+ Voordelen van alle aard
Bedrijfsvoorheffing
= Belastbaar Netto (*)
+ Extralegale vergoedingen
Voordelen alle aard die geen cash bedrag zijn
= Uit te keren bedrag | Voorschotten
Bestanddelen die geen loon zijn
Betaalde sociale bijdragen (wettelijke provisies, afrekeningen, achterstallen, spontane reserve)
Vrij aanvullend pensioen (VAPZ)
3% kostenforfait — of werkelijke beroepskosten
= Netto belastbaar inkomen onderworpen aan de personenbelasting

(*) Dit is het bedrag waarop de progressieve tarieven personenbelasting (25% → 50%) worden toegepast.
Vanuit de vennootschap: brutobezoldiging = aftrekbare kost → lagere vennootschapsbelasting.

📊 Wil je weten wat jouw optimale bezoldiging is?

Vul dit formulier in om een weddeberekening te bekomen →

⚠️ Evenwicht zoeken is maatwerk

Het zoeken naar een evenwicht tussen fiscale besparing en volwaardig bijdragen aan een gezinsbudget is een oefening die je best doet in overleg met een professional. Een lage wedde is fiscaal gezien vaak optimaal, maar is niet de enige factor die belangrijk is.

2. Wat is de minimumbezoldiging?

Om te genieten van het verlaagd tarief vennootschapsbelasting (20% op de eerste €100.000 winst) moet je vennootschap aan minstens één bedrijfsleider-natuurlijke persoon een voldoende hoge bezoldiging uitkeren. Een bezoldiging aan een zaakvoerder-vennootschap (managementvennootschap) telt niet mee.

Wat telt mee als bezoldiging?

De minimumbezoldiging omvat meer dan enkel het brutoloon. Je mag de volgende elementen meetellen:

  • Bruto maandloon en vakantiegeld
  • Voordelen van alle aard (bedrijfswagen, gsm, internet, bewoning)
  • Tantièmes (toegekend door de AV)
  • Geherkwalificeerde huurinkomsten

Niet meegeteld: Kostenvergoedingen, dividenden.

3. De bedragen: €45.000 tot 2025, €50.000 vanaf 2026

De hoogte van de minimumbezoldiging werd aangepast door het zomerakkoord 2025 (Arizona-coalitie). Hieronder vind je de actuele drempels:

Periode Minimumbezoldiging Max. VAA-deel
Tot en met 2025 €45.000 Geen beperking
Vanaf 2026 €50.000 Max. 20% (= €10.000)

⚠️ Nieuwe beperking vanaf 2026: max. 20% voordelen van alle aard

Vanaf boekjaar 2026 mag maximaal 20% van je minimumbezoldiging bestaan uit forfaitaire voordelen van alle aard (bedrijfswagen, smartphone, internet, gratis woonst). Bij een vereiste van €50.000 betekent dit dat maximaal €10.000 VAA mag zijn — de overige €40.000 moet uit loon of tantièmes komen. Sociale bijdragen vallen buiten deze beperking.

4. Uitzonderingen op de minimumbezoldiging

Niet elke vennootschap moet aan de volle €45.000 (of straks €50.000) voldoen. De wet voorziet in twee belangrijke uitzonderingen:

Uitzondering 1: Startende vennootschappen (eerste 4 boekjaren)

Kleine vennootschappen zijn gedurende de eerste vier belastbare tijdperken na oprichting vrijgesteld van de bezoldigingsvoorwaarde. Ze kunnen dus het verlaagd tarief van 20% genieten zonder een minimumbezoldiging uit te keren.

⚠️ Opgelet: voortzetting bestaande activiteit

Wanneer je vennootschap een activiteit voortzet die je eerder als eenmanszaak of via een andere vennootschap uitoefende, dan vangt de termijn van 4 jaar aan op de datum van je eerste KBO-inschrijving voor die activiteit. Je kwalificeert in dat geval mogelijk als "valse starter" en verliest de vrijstelling.

Uitzondering 2: Beperkte winst (proportionele regel)

Als de belastbare winst van je vennootschap (vóór aftrek van de bezoldiging) lager is dan €90.000, dan volstaat een bezoldiging die minstens gelijk is aan de helft van dat bedrag. Is de fiscale winst na bezoldiging lager dan €45.000? Dan moet de bezoldiging minstens gelijk zijn aan die winst.

Rekenvoorbeeld: proportionele regel

Je vennootschap heeft een fiscaal resultaat van €60.000 vóór aftrek van de bedrijfsleidersbezoldiging.

Minimaal vereiste bezoldiging: €60.000 ÷ 2 = €30.000

Met een bezoldiging van €30.000 bedraagt het belastbaar inkomen €30.000 en geniet je vennootschap het verlaagd tarief van 20%.

5. Het verlaagd tarief: voorwaarden en voordeel

Het verlaagd tarief in de vennootschapsbelasting bedraagt 20% op de eerste schijf van €100.000 belastbare winst, tegenover het standaardtarief van 25%. Het maximale belastingvoordeel bedraagt dus €5.000 per jaar (of €4.250 na roerende voorheffing bij latere dividenduitkering).

Om van dit tarief te genieten moet je vennootschap cumulatief aan vier voorwaarden voldoen:

☑️ Checklist: voorwaarden verlaagd tarief 20%

Kleine vennootschap (max. 1 criterium overschreden: 50 werknemers, €11.250.000 omzet, €6.000.000 balanstotaal)

Geen financiële vennootschap: aandelenbezit max. 50% van eigen vermogen + belaste reserves

Aandeelhouders: minstens 50% van de aandelen in handen van natuurlijke personen

Minimumbezoldiging: minstens €45.000 (vanaf 2026: €50.000) aan één bedrijfsleider-natuurlijke persoon, of minstens gelijk aan de belastbare winst indien die lager is

6. Sanctie bij onvoldoende bezoldiging: de 5%-heffing

Voldoet je vennootschap niet aan de minimumbezoldiging en komt ze daardoor niet in aanmerking voor het verlaagd tarief? Dan riskeert ze bovendien een bijzondere aanslag van 5% op het "bezoldigingstekort".

Rekenvoorbeeld: bijzondere aanslag 5%

Je vennootschap keert een bezoldiging van €10.000 uit terwijl de vereiste minimumbezoldiging €45.000 bedraagt (winst > €90.000).

Bezoldigingstekort: €45.000 – €10.000 = €35.000

Bijzondere aanslag: €35.000 × 5% = €1.750 (fiscaal aftrekbaar)

💡 Tip: vrijstelling voor starters

Startende kleine vennootschappen zijn ook vrijgesteld van de bijzondere aanslag van 5% gedurende de eerste vier belastbare tijdperken na oprichting.

7. Bijzondere regeling voor verbonden vennootschappen

Heb je meerdere verbonden vennootschappen waarvan minstens de helft van de bedrijfsleiders dezelfde natuurlijke personen zijn? Dan geldt een bijzondere regeling: de bezoldigingen mogen gezamenlijk worden bekeken, maar het drempelbedrag stijgt naar €75.000.

Dit betekent dat je niet in elke vennootschap apart €45.000 moet opnemen, maar dat het totaal van de bezoldigingen over alle betrokken vennootschappen samen minstens €75.000 moet bedragen. De eventuele bijzondere aanslag van 5% wordt toegepast bij de vennootschap met het hoogste belastbaar inkomen.

8. Fiscale optimalisatie: hoeveel loon is ideaal?

De optimale bezoldiging hangt af van je persoonlijke situatie. Enerzijds wil je het verlaagd tarief van 20% behouden, anderzijds betaal je op je bezoldiging personenbelasting (tot 50% + gemeentebelasting) en sociale bijdragen (tot 20,5%).

Een bezoldiging is pas voordelig als de besparing op vennootschapsbelasting (5% van €100.000 = €5.000) opweegt tegen de extra personenbelasting en RSZ-bijdragen. Bij lagere winsten kan het voordeliger zijn om het verlaagd tarief op te geven en een lagere bezoldiging uit te keren.

Vuistregels fiscale optimalisatie

  • Winst > €100.000: Bezoldiging van €45.000 (of €50.000 vanaf 2026) is niet altijd de minst belaste weg!
  • Winst €50.000 – €100.000: Individuele berekening nodig, afhankelijk van privésituatie
  • Winst < €50.000: Vaak voordeliger om lager loon te nemen en géén verlaagd tarief
  • Starter (eerste 4 jaar): Vrije keuze, verlaagd tarief zonder bezoldigingseis

💡 Tip: tantième als buffer

Twijfel je of de winst hoog genoeg zal zijn? Keur dan op de algemene vergadering een tantième goed. De tantième telt mee voor de minimumbezoldiging van het boekjaar waarop ze betrekking heeft, maar wordt pas belast in de personenbelasting van het jaar van toekenning. Zo kan je achteraf bijsturen zonder de bezoldigingsvoorwaarde te missen.

9. Praktische aandachtspunten

Enkele valkuilen waar je als bedrijfsleider rekening mee moet houden:

  • Geen pro rata bij verkort boekjaar: De minimumbezoldiging van €45.000 (of €50.000) geldt volledig, ook als je boekjaar korter is dan 12 maanden.
  • Fiscale controle: De fiscus toetst de minimumbezoldiging op basis van de winst na controle. Een verworpen kost kan ervoor zorgen dat je achteraf niet meer aan de voorwaarde voldoet.
  • <
  • Natuurlijke persoon vereist: De bezoldiging moet worden uitgekeerd aan een bedrijfsleider-natuurlijke persoon. Een managementvergoeding aan een zaakvoerder-vennootschap telt niet mee.

Hulp nodig bij het bepalen van je optimale bezoldiging?

Wij berekenen voor jou wat fiscaal het voordeligst is: meer loon, meer dividend of een combinatie?

Vraag een gesprek aan →


✓ Art. 215, lid 2-3 WIB 1992 (verlaagd tarief vennootschapsbelasting)

✓ Art. 219quinquies WIB 1992 (bijzondere aanslag 5%)

✓ Art. 32 WIB 1992 (definitie bedrijfsleider)

✓ Art. 1:24 WVV (definitie kleine vennootschap)

✓ Zomerakkoord 2025 / Regeerakkoord Arizona-coalitie (verhoging naar €50.000)

✓ ComIB/92 nr. 215/44 (administratief commentaar)

Alle wettelijke verwijzingen, bedragen en voorwaarden zijn gecontroleerd op juistheid en actualiteit (december 2025). AI werd uitsluitend ingezet voor structuur, opmaak en formulering — niet voor juridische interpretatie. Dit artikel is informatief en vervangt geen persoonlijk advies.

© 2025 Fisc@West BV · ITAA erkend · BE 0562.845.171 · boekhouder123.be

Loon
PDF – 713,4 KB 427 downloads
Loon
Excel – 18,5 KB 396 downloads

bedrijfsleidersloon wedde berekening vennootschap BV loon bedrijfsleider personenbelasting sociale bijdragen beroepsinkomen aftrekbare kost vennootschapsbelasting voorschotten bestuurdersmandaat netto belastbaar inkomen fiscale optimalisatie belastingdruk gezinsbudget verlaagd tarief bezoldiging zaakvoerder accountant boekhouder Vlaanderen